X

Hinderbronnen

De primaire oorzaken die ons werken aan Leefplezier hinderen, liggen bij onszelf. Ziekte, aandoeningen en veroudering kunnen ertoe leiden dat onze persoonlijke vermogens teruglopen. Je wordt bijvoorbeeld minder mobiel, hebt minder kracht of het geheugen laat je in de steek waardoor je acties en activiteiten gericht op Leefplezier minder soepel gaan. Tegelijk zien we dat bij het stijgen der jaren voor velen de sociale verbanden afbrokkelen en de mogelijkheid om een beroep te doen op hulpbronnen in de vertrouwde omgeving steeds verder afneemt. We worden meer en meer afhankelijk van anderen om ons te ondersteunen opdat ons Leefplezier niet vermindert.

Het is goed je te realiseren dat deze anderen, in plaats van dat het hulpbronnen zijn, kunnen fungeren als hinderbronnen die het Leefplezier belemmeren of in gevaar brengen. Overigens zijn ze zich hiervan meestal niet bewust. Daarom is het van belang helder voor ogen te hebben wat mogelijke hinderbronnen voor iemands Leefplezier kunnen zijn.

Waar kan je zoal op letten…

Geen oog hebben voor: als je kwetsbaar en afhankelijk wordt heb je juist anderen nodig die je ondersteunen om Leefplezier te hebben en te houden. Het is essentieel dat die anderen, familieleden en vrienden of hulpverleners, oog hebben voor wat jij wenst en nodig hebt voor je Leefplezier. Als zij je behoeften en verlangens niet respecteren of niet hun best doen hier rekening mee te houden is het gevaar groot dat zij je leven vorm geven zoals zij dat nuttig of nodig vinden. 

Protocollen etc: bij professionele hulpverleners ligt nog een ander gevaar op de loer. Voor hen geldt dat hun kijken sterk gericht wordt door protocollen, richtlijnen en standaarden van de beroepsgroep zelf. Hier staat vooral de kwaliteit van (be)handelen voorop. Hierin is zo goed als geen aandacht voor wat iemand werkelijk Leefplezier geeft. Er wordt aan voorbijgegaan dat goede behandeling niet hetzelfde is als goede zorg.

Regels: deze beperken de keuzevrijheid van degenen die je ondersteunen bij je Leefplezier. Instellingen, overheden en financiers hebben elk hun eigen, vaak dwingende, voorschriften voor wat en niet gedaan mag worden en hoe iets gedaan moet worden. Dit heeft vaak als effect dat het hulp-en zorgverleners beperkt in hun keuze- en handelingsvrijheid om die dingen te doen die aansluiten op de wensen en behoeften van degenen waar zij voor werken. Met verlies aan Leefplezier als resultaat.

Voorgestructureerde informatieverzameling: zoals bijvoorbeeld het zorgleefplan en het electronisch patiëntendossier die verplicht ingevuld moeten worden. Dat wat jij belangrijk vindt en waar jij voor zou kiezen komt hierin vaak niet of nauwelijks aan de orde. In plaats van aan te sluiten bij jouw leefwereld, jouw werkelijkheid van alledag, wordt je ingepast in de eisen van de systeemwereld, de wereld van controle, onderzoeken, metingen en rapporten.

Neveneffecten behandeling: het aantal diagnostische interventies en behandelingen om ziekten en stoornissen die ons als mens-machine ontregelen aan te pakken neemt snel toe. Deze sterke gerichtheid om ons lichaam en onze geest in een ‘betere’ staat te brengen, kent ook een keerzijde. Bijwerkingen van deze diagnostiek, (be)handelingen of ingrepen kunnen onze eigen vermogens zo verminderen dat het onze mogelijkheden voor het zelf produceren van Leefplezier sterk belemmert. 

Woonomgeving: gebruikersonvriendelijke producten maken dat je dingen om je heen minder makkelijk kunt gebruiken omdat je bijvoorbeeld niet genoeg kracht hebt of dat je niet begrijpt hoe je ze moet bedienen. Van verpakkingen tot blikopener, van televisie tot smartfoon. Het kan flinke drempels opwerpen voor de productie van je Leefplezier. Hetzelfde geldt voor bouwkundige en ruimtelijke belemmeringen. Deze zijn een veelvoorkomende oorzaak de beperking van je bewegingsvrijheid en het zelf doen.